Oost-Germaans volk in de tijd van het Romeinse Rijk.
De Visigoten behoren tot de eerste volken die zich bekeren tot het christendom. Ze komen in 378 in opstand tegen de Romeinse overheersing (slag bij Adrianopel). In 382 wordt een verbond met de Romeinen getekend, waarmee de Visigoten zich mogen vestigen in Thracië en Moesia, het zuiden van de Balkan.
Tegen het einde van de vierde eeuw wordt Alarik leider. Deze wil Italië tot thuisland van de Visigoten maken, maar krijgt daar de kans niet voor omdat hij sterft. Wel wordt in 410 Rome geplunderd. De Romeinen en Visigoten bundelen hierna hun krachten. Dit geeft de Visigoten de kans om te wonen op de plek waar zij willen; de Romeinen beschikken over extra mankrachten in hun strijd.Ze vestigen zich in Toulouse en Noordoost-Spanje.
Het rijk van de Visigoten breidt zich uit. Als de laatste Romeinse keizer in 476 verslagen wordt strekt het Visigotische gebied zich uit van Nantes tot Cadiz.
Na de slag bij Vouillé lijdt het volk een nederlaag tegen de Franken en dit is het keerpunt van de macht. Het rijk brokkelt steeds verder af. Nog twee eeuwen weten zij grote delen van Spanje te beheersen, maar de komst van de Moren betekent het definitieve einde van het Visigotische Rijk.
De Visigoten dwingen de in Spanje wonende joden tot doop en bekering tot het christendom. Vele joden vluchten als gevolg hiervan naar Noord-Afrika. In 711 wordt de hoofdstad Toledo ingenomen door de Arabieren. In 718 worden de Arabieren door de Edelman Pelayo verslagen in het noorden en wordt Asturië gesticht, waar vele Visigoten hun toevlucht zoeken. Anderen vertrekken richting het rijk van de Franken.
