Al dan niet gerechtvaardigde tegenstand tegen de heersende orde of de bestaande maatschappij.
Er bestaan drie soorten verzet:
- passief verzet,
- actief niet-gewelddadig verzet,
- gewelddadig verzet.
De geschiedenis kent talloze voorbeelden van verzet. Ook op dit moment is op vele plekken in de wereld sprake van verzet. Het Nederlands verzet tegen de Spaanse overheersing, dat op gang komt in de tweede helft van de zestiende eeuw, heeft tegenwoordig een romantische bijklank. De (water)geuzen zijn de eerste verzetsstrijders in ons land. Zij dragen bij aan de ontketening van de Tachtigjarige Oorlog, die uiteindelijk tot de onafhankelijkheid van Nederland leidt.
In het geval van de geuzen is er sprake van actief en gewelddadig verzet. Zij organiseren zich en bezetten steden die in handen van Spaans bestuur zijn.
Was er in de Spaanse tijd sprake van actief verzet onder de Nederlandse bevolking, tijdens de Franse overheersing tussen 1795 en 1813 lijkt het tegendeel waar. De Nederlanders staan over het algemeen positief tegenover de Fransen en het verzet komt pas op gang wanneer het kiesrecht wordt beknot, de economie stagneert en weerstand ontstaat tegen een sterk gecentraliseerde staat.
Het meest bekende voorbeeld van verzet is waarschijnlijk het verzet in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de Duitse bezetting ontstaat dit ondergrondse verzet. Tijdens de oorlog is sprake van actief niet-gewelddadig verzet. Het verzet hindert de vijand op alle mogelijke manieren. Zo worden verbindingen zoals telefoonlijnen gesaboteerd. Ook blaast het verzet bevoorradingslijnen op en wordt informatie doorgespeeld. Daarnaast helpt het verzet onderduikers en worden bonkaarten en identiteitsbewijzen vervalst. Het ondergrondse verzet is los georganiseerd: de namen van de verzetsstrijders mogen niet in handen van de Duitsers vallen en worden daarom niet geregistreerd.
De strijders in Nederland in de oorlog noemen zichzelf vaak geuzen, terugverwijzend naar de opstand tegen de Spaanse kroon. Het Parool is tijdens de oorlog een typische verzetskrant.
De joodse geschiedenis kent verschillende voorbeelden van verzet. Tijdens de Romeinse overheersing komt het drie keer tot een opstand tegen de bezetting. Dit is actief gewelddadig verzet. De opstanden worden driemaal met harde hand neergeslagen. Ook de Warschau-opstand tijdens de Tweede Wereldoorlog is een voorbeeld van joods verzet.
In het Midden-Oosten is sprake van terreur en verzet. De Palestijnen verzetten zich tegen de Israëlische bezetting. Een deel van de wereldbevolking heeft er begrip voor en noemt het verzet. Een ander deel wijst het af en noemt het terreur.
Wettig recht
Op 15 april 2003 stelt Commissie Mensenrechten van de VN: “Het Palestijnse volk heeft het wettige recht zich te verzetten tegen de Israëlische bezetting, teneinde het land te bevrijden en het zelfbeschikkingsrecht af te dwingen. De Commissie vraagt Israël opnieuw zich terug te trekken uit de Palestijnse gebieden die het sinds 1967 bezet.”
De stemmen vóór zijn afkomstig van: Zuid-Afrika, Algerije, Saoedi-Arabië, Argentinië, Armenië, Bahrein, Brazilië, Burkina Faso, Chili, China, Cuba, Rusland, Gabon, India, Libië, Kenia, Maleisië, Oeganda, Pakistan, Syrië, Zuid-Korea, Congo, Senegal, Sierra Leone, Sri Lanka, Soedan, Swaziland, Thailand, Togo, Oekraïne, Venezuela, Vietnam en Zimbabwe.
De stemmen tegen komen van: Duitsland, Australië, Canada, Verenigde Staten en Peru.
Landen die zich onthielden: Oostenrijk, België, Kameroen, Costa Rica, Kroatië, Frankrijk, Guatemala, Ierland, Japan, Mexico, Paraguay, Polen, Groot-Brittannië, Zweden en Uruguay.
De Israeli’s op hun beurt verzetten zich tegen de Palestijnen. In het conflict tussen Israël en Palestina is sprake van gewelddadig en gewapend verzet. Hierbij is onduidelijk of het inderdaad gaat om verzet, of dat er sprake is van terreur.
Het verzet neemt regelmatig de vorm aan van terrorisme. Volgens sommigen is er geen sprake van verzet in dit conflict, maar alleen van terrorisme. Anderen menen juist dat er geen sprake is van terrorisme, omdat het gaat om verzet van een volk tegen de onderdrukker. Daarbij is terreur hooguit een legale verzetsmethode.
Aan de regels die in het internationale recht gelden voor terreur geven sommigen een zodanige interpretatie dat toch weer sprake lijkt van verzet. Hierbij speelt ook beeldvorming onder invloed van de media een rol: men kan spreken van Israelische terreur en Palestijns verzet of van Israëlisch verzet en Palestijnse terreur. Dit heeft invloed op de publieke opinie.
Met de globalisering is een nieuwe vorm van verzet ontstaan: internationaal verzet. Hierbij is vaak sprake van actief maar niet gewelddadig verzet, bijvoorbeeld in de vorm van demonstraties. Deze vorm van verzet komen we tegen bij de weerstand tegen de Vietnam-oorlog, maar ook het internationale verzet tegen de invasie in Irak van 2003. Ook verzet tegen de globalisering valt hieronder.
Een andere moderne vorm van verzet is het terrorisme. Terrorisme valt in zoverre onder de noemer verzet dat er sprake is van weerstand tegen de bestaande orde. Bij de terroristische organisatie Al-Qaida draait het om verzet, in dit geval in de vorm van terreur, tegen de westerse wereld en haar overheersing.
Voor ons heeft het woord verzet een positieve bijklank. Dat komt doordat verzet vooral geassocieerd wordt met weerstand tegen de Spaanse, Franse en Duitse onderdrukker.
Verschillende voorbeelden laten ons zien dat dit niet de enige vorm is van verzet. Sommige soorten verzet zijn simpelweg gekeerd tegen de bestaande orde, of die nu onderdrukt of niet. Sommige terroristische aanslagen richten zich niet tegen een dictatoriaal regime of een buitenlandse onderdrukker of een gewelddadige bezetter. Ze dienen alleen om angst te zaaien onder de bevolking.
Vooral in artikelen over Israël en Palestina is vaak behoefte om in bedekte termen te spreken. Zo worden terroristen vaak ‘militanten’ genoemd. Voorbeeld: “Israëlische soldaten zijn slaags geraakt met enkele jeugdige Palestijnse militanten die het vermoedelijk op burgers hadden voorzien”.
Sinds terreur zich naar de VS en Europa heeft verplaatst is de onzekerheid over het verschil tussen terreur en verzet alleen maar toegenomen. Die wordt onder meer zichtbaar als in de geschreven nieuwsmedia het woord militant, terreur, terrorist of combattant tussen aanhalingstekens wordt geplaatst.
De heftige propagandaslag heeft effect. Niet alleen voor veel politici en journalisten, maar ook voor rechters, waarnemers en krantenlezers lijkt het onderscheid tussen terreur en verzet vervaagd.
www.indymedia.nl/nl/2004/05/18988.shtml
Het is om onpasselijk van te worden hoe sinds het instorten van de Twin Towers op die elfde september de termen terreur, terrorist en terrorisme te pas en te onpas en in vele gevallen onterecht worden gebruikt. Ook onze regeringsleiders, met Balkenende en Jaap de Hoop Scheffer voorop, huilen dit lied mee met de Amerikaanse wolven. En dat terwijl het staatsterrorisme zoals dat onder andere door de Verenigde Staten en Israël op het ogenblik gevoerd wordt volmondig en met alle middelen wordt gesteund. Het einde is zoek, de verwarring groot, de wereld is gek geworden.
Dat is wat ik me dezer dagen afvroeg: ben ik nou gek geworden of zijn zij het? Maar wees gerust als u er net als ik toch even anders over denkt als onze regering. Want natuurlijk is er geen sprake van terrorisme als er dagelijks Amerikaanse soldaten worden doodgeschoten in een land waar ze niet thuishoren, natuurlijk is het geen daad van terrorisme als er weer eens een Amerikaanse helikopter wordt neergehaald boven de door hen veroverde olievelden, natuurlijk is het geen terreur als er in Irak Spaanse spionnen, Japanse diplomaten, Colombiaanse zakkenvullers en Italiaanse en Poolse soldaten worden weggemaaid, zelfs is het geen terreur te noemen als de speciale VN-afgezant sneuvelt in de zogenaamde wederopbouw van Irak, evenmin als het een terreurdaad zal zijn als zo meteen de eerste Nederlandse militairen zullen sneuvelen. Want uiteraard is daar het wachten op. En hoe horen we de Spaanse, Amerikaanse, Engelse, Japanse, Italiaanse, Poolse en ook de Nederlandse bestuurders reageren? “Wij wijken niet voor terreur!”
Waarde lezer/lezeres van mijn stukjes; dat is nou de wereld volledig op zijn kop zetten. Om het verzet van een volk terrorisme te noemen. Want wat is er in Irak nu werkelijk aan de gang? De grootste guerrillaoorlog sinds Vietnam. En geen guerrillaleger is in staat een dergelijke strijd te voeren zonder de steun van het grootste deel van de bevolking, zeker niet als de leiders ervan 50 miljoen dollar op hun hoofd hebben staan.
We moeten niet vergeten dat in dit geval de coalitietroepen de agressors zijn; zij zijn het die de oorlog begonnen zijn, zoals we nu weten met leugens en bedrog en onder valse voorwendsels. Zij zijn het die geprobeerd hebben het land leeg te roven en een volk te onderdrukken. Ze dachten dat de Irakezen blij zouden zijn met de ‘bevrijding’ van Saddam Hoessein en met gemak een Amerikaanse dictatuur zouden accepteren. Waar ze zich echter op verkeken hebben, is de vastberadenheid van het Irakese volk: hun drang naar vrijheid en hun wil om te overleven. Daarom is er in Irak ook geen sprake van terreur, maar van vrijheidsstrijd. Wij, u en ik, zouden toch hetzelfde doen, nietwaar? Als ons land zo hardvochtig zou worden binnengevallen, zouden wij niet naar de wapens grijpen? Natuurlijk zouden we dat doen, sterker nog, dat hebben we toch ook al gedaan? Zelfs de koningin legt er ieder jaar een krans voor al die kameraden die we toen in de strijd zijn verloren.
nl.wikipedia.org/wiki/Nederlands_verzet_in_de_Tweede_Wereldoorlog
