Vóór 1967 worden alle inwoners van Palestina, dus ook de joodse en christelijke, als Palestijnen aangeduid. Na de bezetting door Israël geldt de naam alleen voor de Arabische inwoners. Arafat maakt er een volk van. Het verzet zich tegen wat wordt aangeduid als ‘de bezetting’. En tegen het bestaan van Israël, de Joodse staat.
Herinnering uitwissen
De Romeinse bezetter voert, na de Joodse opstanden van 70 en 135 n. Chr., als strafmaatregel in de nieuwe naam Palestina in. De naam is afgeleid van Filastin, Filistin, Filistea, e.d., d.w.z. het land van de Filistijnen. De opzet is het bestaan van het land, Israël, en de oorspronkelijke bewoners, de Israëlieten of Joden, te doen vergeten. Joden vatten het op als een belediging.
Alleen Arabische inwoners
Vóór de Zesdaagse oorlog van 1967 werden alle inwoners van Palestina, dus niet alleen de Arabieren maar ook de Joden, als Palestijn aangeduid. Dat blijkt uit oude reisverslagen en –boeken. Vanaf 1967 worden er alleen de Arabische inwoners van het land mee bedoeld. Het gaat dan niet meer alleen om het land dat vanaf 1948 Israël heet, maar ook om de gebieden die Israël sinds 1967 bezet houdt. Tachtig procent van het land werd door de Britten in 1917 (Churchill!) van het oorspronkelijke Palestina afgesplitst en aan de Arabieren in beheer gegeven. Dat nieuw gecreëerde land krijgt de naam Transjordanië, het Jordanië van nu. De inwoners van dat oostelijk deel van Palestina heten eerst Transjordaniërs en later Jordaniërs. Vanaf de eerste dag van deze splitsing is het voor Joden verboden terrein: ze mogen zich er niet vestigen.
Bijbelse Filistijnen
De claim (o.a. van Yasser Arafat) dat de Palestijnen afstammen van de historische Filistijnen, die tijdens de rechters (Richteren) leefden in het land dat toen Israël, Kanaän of Filistea heette, kan niet met feiten worden gestaafd. Historici zijn het erover eens dat de Filistijnen in de tijd van David en Salomo (1.000 v. Chr.) uit het land weggetrokken. Na die tijd is niets meer van hen vernomen.
Economische immigranten
Een belangrijk deel van de Palestijnse Arabieren van nu is uit de omliggende Arabische landen afkomstig, zoals Jordanië, Libanon, Syrië, Egypte en Irak. Ze komen tussen de eerste immigratiegolf (aliya; circa 1880) en 1947 om economische redenen (werk, inkomen, welvaart) naar de Joodse gebieden. Een ander deel bestaat uit (boeren-) families die al eeuwenlang in het gebied, dat eeuwenlang ook wel als Zuid-Syrië werd aangeduid, gevestigd zijn.
Nooit zelfstandige natie
Sinds de kruisiging van Jezus (± 30) en de vlucht (diaspora) van het Joodse volk (±70-130 na Chr.) is er nooit een Palestijns volk met een eigen Palestijnse identiteit geweest. Pas vanaf de periode rond 1960, nadat de PLO is opgericht, presenteert het zich als zelfstandige etnische identiteit, als volk dus. In Palestina woonden vóórdat de staat Israël werd uitgeroepen mensen uit allerlei Arabische landen. Ook heeft er altijd een Joodse bevolkingsgroep in het land gewoond, zowel op het platteland als in steden als Hebron, Jeruzalem, Safed en Tiberias. Een groot deel van de Arabische inwoners is begin 20e eeuw, na de immigratie van Joden uit Europa, het land binnengekomen om er werk te zoeken. De toenemende Joodse vestiging in het land, waardoor werkgelegenheid ontstond, bracht ook veel arme Arabieren ertoe, zich in het land te vestigen.
Palestijnse vluchtelingen
Vanaf 1 december 1947 en tijdens de oorlog van 1948 ontstaat het veelbesproken vluchtelingenprobleem. Het is een van de belangrijkste hangijzers in het conflict. Het probleem van de Palestijnse vluchtelingen is tot op vandaag niet opgelost. Sommige bronnen beschuldigen de Arabische landen, Groot-Brittannië en de VN ervan (via de UNRWA), het probleem – om politieke redenen – in stand te hebben gehouden. Zo hebben de VN de algemeen geldende ‘spelregels’ voor vluchtelingen speciaal voor de Palestijnse Arabieren aangepast. Anderen stellen Israël verantwoordelijk.
Joodse vluchtelingen
De kwestie staat in schril contrast met een historisch gegeven dat veel minder in de publiciteit is (geweest): dat van de joodse vluchtelingen uit dezelfde periode. Zij ontvluchten – grotendeels gedwongen, na gewelddadig optreden van de overheid – de omringende Arabische landen, meestal met achterlating van alles dat ze bezaten. De jonge staat Israël neemt ze op. Dat gebeurt zonder hulp van buiten (d.w.z. van de VS, Europa, de VN) en met grote moeite en inspanning. Wel bieden Amerikaans-joodse organisaties en financiers hulp.
Terugkeerwet
De Israëlische Wet op de Terugkeer, die Joden van over de hele wereld het recht geeft zich in Israël te vestigen, is veel Palestijnen een doorn in het oog. Een deel van hen is in 1947-1948 of in 1967 hun land ontvlucht: het recht op terugkeer wordt hun door Israël (onder meer om veiligheidsredenen) onthouden. Rond de aanleiding voor hun vlucht woedt nog vandaag een fel debat. Sommige historici noemen Joods geweld de hoofdoorzaak was. Volgens anderen ging het erom, tijdelijk (d.w.z. een paar weken) plaats te maken voor Arabische legers, die bij voorbaat zeker waren over hun overwinning op de Joden. Ook oorlogspropaganda, onder meer via het sterk overdrijven van elkaars (en zelfs de eigen) wreedheden wordt als oorzaak voor de vluchtelingenstroom genoemd.
Nieuw volk
Vijf jaar nadat de PLO is opgericht, in 1969, worden de Palestijnen door de VN als apart volk erkend. Weer vijf jaar later, in 1974, is de PLO (als ‘enige’ en formele vertegenwoordiger van het Palestijnse volk) aanwezig bij een vergadering van de VN over de Palestijnse kwestie. De organisatie krijgt in hetzelfde jaar de status van waarnemer bij de VN. Sinds de Oslo-akkoorden (1993) erkent ook de staat Israël de Palestijnen als volk. Sinds 2006 heeft Hamas het bestuur van de Palestijnse gebieden overgenomen – na de zo veelgeprezen democratische verkiezingen. De groepering staat in de VS en de Europese Unie op de lijst van terreurorganisaties. De financiële hulpverlening vanuit het Westen wordt tijdelijk stopgezet. Arabische landen zeggen miljoenen dollars toe. Later wordt de Europese en Amerikaanse hulp ruimhartig hervat.
Jordaans paspoort
Buiten die in de ‘bezette gebieden’ zijn er Palestijnse vluchtelingenkampen in Libanon, Syrië, Jordanië en de Sinaï (Egypte). Met bezette gebieden bedoelt men de Gazastrook en de Westbank. Beide gebieden worden overigens al jaren niet meer officieel door Israël bezet. De meeste (70%) Palestijnen hebben een Jordaans paspoort (zie: Jordanië). Sinds Arafat, die door veel Palestijnen als hun ‘vader des vaderlands’ wordt beschouwd en de beide Intifada’s, is het Palestijnse volk een steeds hechtere eenheid geworden. De belangrijkste partijen zijn de officiële PLO en Fatah, die in de jaren ’90 de terreur heeft afgezworen. In de Gazastrook manifesteert zich de Hamas, die zich presenteert als sociale partij en als terreurorganisatie. Het handvest van Hamas bevestigt de terroristenstatus.
Demografische tijdbom?
Het totale aantal Palestijnen wordt in 2004 op circa vijf miljoen geschat. Sommige bronnen noemen de snelle bevolkingsgroei van de Palestijnen een ernstig probleem voor de Israëliërs: naar schatting zullen er in 2030 meer Palestijnen dan Israëliërs in het gebied gevestigd zijn. De eerder aangenomen bevolkingsaantallen komen in 2005 ter discussie: ze zouden stelselmatig te hoog opgegeven zijn (om subsidiestromen van de VN te vergroten) en in werkelijkheid fors lager zijn dan eerder aangenomen. Zie The Million Person Gap op www.pademographics.com.
Eigen staat
De idee van de zgn éénstaatsoplossing (Joden en Arabieren samen in een soort confederatie) lijkt steeds verder op de achtergrond te raken. In de komende jaren zullen de Palestijnen een eigen staat krijgen, al hebben Palestijnse leiders (Arafat) eerdere regelingen afgeslagen. Volgens veel commentatoren hadden de Palestijnen al veel eerder een eigen staat kunnen hebben, als hun leiders, al vanaf het verdelingsplan van 1947, hun kansen hadden benut. De wens om alle Joden uit het land te verdrijven lijkt de visie van Palestijnse leiders te hebben beheerst. Overigens wonen in Israël meer dan een miljoen Palestijnen; ze vormen circa 20% van de bevolking.
Grenzen
De geografische grenslijnen tussen Israël en het toekomstige Palestina zijn nog steeds onduidelijk. Volgens VN-resoluties moeten ze als uitkomst van onderhandelingen worden vastgesteld. Niet alleen vanuit de VS maar ook binnen de Israëlische politieke verhoudingen komt – zeker na de ontruiming van de Gazastrook door Sharon in 2005 – steeds meer draagvlak om de grenzen desnoods eenzijdig te bepalen. Een eigen staat voor de Palestijnen wil er, door een ingewikkeld stelsel van omstandigheden, maar niet komen.
